TURKSE HAZELNOTEN KINDERARBEIDVRIJ!

Campagne van Stop Kinderarbeid en FNV Bondgenoten

 

Doelstelling

Initiatieven nemen en activiteiten bevorderen om de teelt van hazelnoten in Turkije voor het jaar 2015 kinderarbeid vrij te maken.

 

Activiteiten

– Benaderen van Turkse overheidsinstanties en Turkse vakorganisaties om bestaande initiatieven te versterken en te versnellen.

– Benaderen van, samenwerken met en zonodig pubiek kritiseren/beoordelen van Nederlandse en internationale ondernemingen in de hazelnootketen om hen te bewegen uitsluitend gegarandeerd kinderarbeidvrije hazelnoten te kopen en te verwerken.

– Het publiek/de media op de hoogte houden van ondernomen activiteiten en (vooral) bereikte resultaten.

 

Deelnemende organisaties

Campagne ‘Stop Kinderarbeid – School de beste wekplaats’ en FNV Bondgenoten (via de Werkgroep Turkije).Stichting Help Kinderen

 

 

Achtergrond

Turkije neemt ongeveer 75% van de wereldoogst van hazelnoten voor zijn rekening. Voornaamste productieregio: de provincies rond de Zwarte Zee. Tijdens de oogsttijd (april – oktober) wordt op grote schaal gebruik gemaakt van seizoenskrachten die voor de oogstperiode naar de regio migreren. Hele gezinnen werken dan aan de oogst van onder meer hazelnoten, maar ook katoen, tomaten etc. Daaronder zijn naar schatting ruim 20.000 kinderen die daarvoor gemiddels 70 dagen van school verzuimen. Oorzaak van de in gezinsverband ingezette kinderen: werkloosheid op de plaats van herkomst, lage inkomsten van de ouders op de plaats van de werkzaamheden.

 

Turks overheidsbeleid

De Turkse regering is zich bewust van deze problematiek. Er is een “Toezichthoudende Raad voor Migrerende Agrarische Seizoensarbeiders” opgericht, met werkzaamheden op landelijk en regionaal niveau (SMFWs). De uitgangspunten voor de werkzaamheden van deze SMFWs zijn opgenomen in bijlage 1.

De aan de Campagne deelnemende organisaties onderschrijven de beschreven maatregelen, maar missen een strak tijdpad dat in 2015 tot volledige afschaffing van kinderarbeid leidt.

 

Betrokkenheid bedrijfsleven

Het merendeel van de hazelnoten uit Turkije wordt in bewerkte vorm of als gedroogde noten geëxporteerd. Consumenten wensen geen hazelnootartikelen die mede het product zijn van kinderarbeid. Dat legt aan bedrijven in de hazelnootketen de verplichting op, de consument te kunnen verzekeren dat de hazelnootartikelen vrij zijn van kinderarbeid.

Een waarmerk daartoe dient afgegeven te worden door een onafhankelijke organisatie. Bij het onderzoek dat aan dit waarmerk ten grondslag ligt dienen lokale vakbonden betrokken te zijn.

 

 

Campagne activiteiten 2011

 

Werkgroep Turkije

  • Coördineren van de contacten tussen de bestuurders van FNV Bondgenoten en de Campagne organisaties.
  • Nagaan welke (agrarische) vakbond(en) in de oogstregio van de hazelnoten actief zijn en op kunnen/willen komen voor de belangen van de seizoensarbeiders.
  • Vaststellen -in samenwerking met deze vakbond(en)- van een actieprogramma om daadwerkelijk een rol te spelen als belangenbehartiger van de seizoensarbeiders.
  • Verbreden van de samenwerking met deze agrarische vakbonden met die van de werknemers in de hazelnootverwerkende industrie en de onderwijsvakbonden.
  • Contact opnemen met de Turkse ambassade in Nederland om de communicatie met de officiële overheidsinstanties op gang te brengen en te onderhouden.
  • Nagaan of er een strak tijdschema is bij de verantwoordelijke Turkse overheidsinstantie om kinderarbeid in de oogst van hazelnoten uit te bannen.
  • Als dat tijdschema er niet is, bevorderen dat zo’n tijdschema wordt opgesteld en uitgevoerd.

 

Campagne  Stop Kinderarbeid

  • Samenwerken met buitenlandse zusterorganisaties om de hazelnootcampagne ook daar onder de aandacht te brengen.
  • Opstellen van een lijst van bedrijven en bedrijfstakorganisaties die rechtstreeks betrokken zijn in de hazelnootketen.
  • Gesprekken voeren met betrokken bedrijven om hen te bewegen kinderarbeid vrije hazelnootproducten te gaan verkopen.
  • Gesprekken met de Federatie van Nederlandse Levensmiddelenindustrie (FNLI) en het Centraal Bureau Levensmiddelen (CBL) om hen een zo actief mogelijk stimulerende rol te laten spelen naar leden die hazelnoten verwerken (alle grote multinationals alsmede enkele brancheorganisaties
  • Samenwerken met de bestuurders van FNV Bondgenoten die bedrijven/bedrijfstakken in hun pakket hebben die onder de campagne vallen.
  • Contacten onderhouden met/infomeren van en en zonodig tot avtie bwegen van Nederlandse en Europese parlementariërs alsook de Ministeries van EL&I, BZ en SZW over de voortgang van de campagne.
  • Voorbereiden van en audit constructie waar bedrijven gebruik van kunnen maken.Bedrijven willen hun eigen audits doen. Wel kunnen wij een programma van eisen  opstellen dat we – vooral via Turkse organisaties, directe info van bedrijven en onafhankelijke waarnemers – zo goed mogelijk toetsen aan de praktijk.
  • Actief informeren van het publiek en de media over de voortgang van de bestrijding van kinderarbeid, zowel bereikte als onvoldoende resultaten, gebrek aan transparantie van bedrijven etc.

 

 

 

Werkgroep Turkije + Campangne Stop Kinderarbeid

  • Opstellen van een program van eisen waar bedrijven aan moeten voldoen (zie daarover de reactie van Stop Kinderarbeid op de antwoorden van bedrijven en de Handleiding tegen Kinderarbeid als basis).
  • Opstellen van een schaduw tijdschema voor de werkzaamheden van de SMFWs.
  • Regels opstellen (of ondersteunen via Turkse organisaties) waaraan de uitzendbureaus/arbeidsbemiddelaars van migrantenarbeiders in Turkije moeten voldoen.

 

 

 

Bijlage 1.

 

 

Overzicht van maatregelen aangekondigd in de Circulaire over migrerende agrarische seizoensarbeiders en hun gezinnen, maart 2010

 

De volgende maatregelen zullen worden nagestreefd om de levensomstandigheden van migrerende agrarische arbeiders en hun gezinnen te verbeteren

 

1.Huisvesting: werkgevers of provinciale autoriteiten behoren te zorgen voor behuizing voor

de migrerende gezinnen, met passende gezondheidsomstandigheden, basisvoorzieningen,

nutsvoorzieningen en sociale diensten.

 

2. Onderwijs: Regionale besturen van basisscholen behoren de kinderen van de migranten

arbeiders waarvan het onderwijs is onderbroken toe te laten. Daarnaast moeten mobiele

onderwijsvoorzieningen ontworpen worden en migranten ouders zullen financiële

compensatie ontvangen als zij hun kinderen naar school sturen.

 

3. Gezondheid: de arbeiders en hun gezinnen zullen regelmatig worden onderzocht op

besmettelijke en epidemische ziektes; daarnaast zullen zwangerschap en de ontwikkeling

van de kinderen periodiek worden gevolgd. Als dat nodig is zullen mobiele

gezondheidsteams opgezet worden voor deze dienstverlening. De gezinnen en de kinderen

van deze arbeiders zullen worden gevolgd door de maatschappelijke diensten,

psychologische steun zal worden verstrekt en zij zullen gebruik kunnen maken van de

diensten en middelen van de Staat voor gehandicapten en ouderen.

 

4. Arbeidsomstandigheden: verplichte certificering van arbeidsbemiddelaars in de agrarische

sector zal worden ingevoerd. Geschillen met betrekking tot de beloning zullen worden

behandeld door het Toezichthoudende Raad voor Migrerende Agrarische

Seizoensarbeiders.

 

5. Het vervoer tussen de plaatsen van waar seizoensarbeiders vetrekken en plaatsten waar zij

aankomen zal worden gecoördineerd door de betrokken autoriteiten om veilig vervoer te

verzekeren.

 

6. Bij terugkeer van de migranten arbeiders zullen alfabetiseringscursussen, sociaal-culturele

activiteiten en beroepsopleidingen voor volwassenen worden georganiseerd, op de eerste

plaats voor vrouwen en meisjes.

 

7. Toezicht: het Turkse Agentschap voor de Arbeid zal de omvang van agrarisch

seizoenswerk in kaart brengen en daartoe gegevensbestanden opzetten.

 

 

Bijlage 2.

 

 

Bedrijven en brancheorganisaties betrokken bij de hazelnootketen

 

 

  • Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie

(koepelorganisatie)

 

  • Nederlandse Vereniging voor de Handel in Gedroogde Zuidvruchten, Specerijen en Aanverwante Artikelen (branchevereniging)

 

  • Vereniging voor de Bakkerij en Zoetwaren (branchevereniging)

 

 

  • Centraal Bureau Levensmiddelen (branchevereniging)

 

 

  • Ferrero

 

 

  • Kraft Foods

 

  • Intersnack

 

 

  • Mars

 

 

  • Nestlé

 

 

  • Unilever

 

 

  • United Biscuits (Verkade)

 

 

  • Zonnatura (Wessanen)

 

 

 

 

 

 

 

Bijlage 3

 

 

 

Turkse vakbonden van belang voor de campagne

Leden van de IUF

Türkiye Orman-Topraksu-Tarim Ve Tarim Sanayii Isçileri Sendikasi (TARIM-IS)Türkiye Otel, Lokanta Dinlenme Yerleri Isçileri Sendikasi Genel Merkez (TOLEYIS)Türkiye Tütün Müskirat, Gida ve Yardimci Isçileri Sendikasi (TEKGIDA-IS)

 

Leden van de EI

 

Eğitim Sen

 

 

 

 

 

Bijlage 4: Enkele belangrijke actoren in beeld

 

 

 

 

 

Relevante actoren m.b.t. het bestrijden van kinderarbeid en verbeteren van arbeidsomstandigheden in de hazelnotenoogst in Turkije.

 

Stefan Füle, Europees Commissaris voor Uitbreiding, heeft zowel in een uitvoerige brief met bijlagen van 18 november aan Europarlementariër Emine Bozkurt als in antwoorden van 03-12-10 op haar vragen aangegeven wat hij wil ondernemen op dit terrein. Daarbij noemt hij onder meer tijdens de subcommissievergaderingen die voor 2011 zijn gepland in het kader van de Associatie Overeenkomst EU-Turkije. Een goede basis voor gesprek en actie zijn de maatregelen die in maart 2010 zijn aangekondigd om de levensomstandigheden van migrerende landarbeiders en hun gezinnen te verbeteren  (zie bijlage en hieronder).

 

Europarlementariër Emine BOZKURT (PvdA): heeft vragen gesteld aan Europese Commissie (Commissaris Füle) over kinderarbeid. Zij heeft veel goede Turkse contacten op sociaal en onderwijs gebied, waaronder met het Ministerie van Onderwijs. Ze zit in de EU delegatie van de Gemengde Parlementaire Commissie EU-Turkije.

 

De delegatie van het Europees Parlement in de Gemengde Parlementaire Commissie EU-Turkije functioneert op basis van de associatieovereenkomst (overeenkomst van Ankara van 1963), het Aanvullend Protocol (bij de overeenkomst tot instelling van een douane-unie van 1970) en diverse parlementaire besluiten van het Europees Parlement en de Grote Nationale Vergadering van Turkije.

De GPC EU-Turkije bestaat uit een gelijk aantal leden van het Europees Parlement en de Grote Nationale Vergadering van Turkije. Zij komt doorgaans twee keer per jaar bijeen, in Turkije of in een van de vestigingsplaatsen van het Europees Parlement.

Vertegenwoordigers van de Samenwerkingsraad, het fungerend voorzitterschap van de Raad, de Europese Commissie en de Turkse regering houden regelmatig toespraken tijdens de vergaderingen van de GPC. De delegatie van het Europees Parlement in de GPC EU-Turkije onderhoudt ook regelmatig contact met maatschappelijke organisaties in Turkije.

 

Ministry of National Education (MoNE.Dit ministerie voert programma’s uit om kinderen om school te krijgen, daar te houden en de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. ILO-IPEC werkt nauw met dit ministerie samen, ook in het bestrijden van kinderarbeid.

 

Ministry of Labour and Social Security (MoLSS).Dit ministerie heft twee eenheden die zich bezig houden met het bestrijden kinderarbeid. De CLU (Child Labour Unit) houdt zich bezig met planning, coördinatie en monitoring van activiteiten tegen kinderarbeid. De Labour inspection Board (LIB) onderneemt (ook samen met ILO-IPEC) activiteiten tegen kinderarbeid in de bredere context van arbeidskwesties. Zij hebben ook mensen ‘in het veld voor programma’s. MoLSS is de officiële partner van ILO-IPEC.

Mr. Ali Kemal Sayin, the Director General for Labour at Ministry of Labour and Social Security is door de directeur van van ILO Turkey over de hazelnotenkwestie geïnformeerd.

 

ILO Turkey, director “Gulay Aslantepe. Zij zegt onder meer in een mail aan Stop kinderasrbeid:‘’As you may also know, agriculture was identified as one of the worst forms of child labour in Turkey, including hazelnut harvesting on a seasonal basis.’’ De ILO zou mogelijk een rol kunnen spleen bij het begeleiden en of monitoren/documenteren van het uitbannen van kinderarbeid in de seizoenslandbouw.

 

 

‘Monitoring Board for Seasonal Migrant Farm Workers’. Dit is een Board die in maart 2010 door de premier is aangekondigd. In een gerelateerde Circulaire van maart 2010 worden maatregelen op dit gebied aangekondigd. De zeven genoemde maatregelen (waaronder ‘regional boarding primary education schools for migrant workers’children’) geven al her raamwerk aan waarbinnen ook het bedrijfsleven een bijdrage zou kunnen leveren. Zie bijlage brief met als Annex 1 de circulaire).

 

Egitim Sen-afdeling Urfa. De onderwijsvakbond Egim Sen heeft in 2007 een onderzoek gedaan naar schooluitval vanwege agrarische seizoensarbeid. Het bestuur heeft aangegeven graag een project te willen starten om seizoenskinderen toch de juiste hoeveelheid onderwijs te kunnen bieden. Ook de Nederlandse Algemene Onderwijsbond (AOb), tevens lid van de campagne Stop Kinderarbeid,  heeft contacten met deze bond

 

Werkgevers- en werknemers organisaties. Dit zijn in potentie belangrijke actoren om bij het aanpakkeen van de arbeidsproblemen in de seizoensarbeid te betrekken. Het betreft met name TISK (grote werkgevers), TESK (kleine en middelgrote werkgevers), en de en de vakbondsfederaties TÜRK-IS, HAK-IS en DISK.

 

FNLI, CBL en hun leden alsmede de Europese en Turkse partnerorganisaties van de FNLI en het CBL.

 

Graag verwijzen we ook naar de volgende brieven

 

·         Brief Eurocommissaris Stefan Füle aan Europarlementariër Emine Bozkurt

·         Antwoorden op de vragen van Emine Bozkurt van 03-12-10

·         Antwoorden op de vragen van diverse Nederlandse politieke fracties van 14-12-10